Home Artikelen Beeldbewerking Grafische bestandsformaten
Grafische bestandsformaten PDF Afdrukken E-mail
Artikelen - Beeldbewerking
Geschreven door Rinie Hooijer   
Inhoudsopgave
Grafische bestandsformaten
Vectorbestanden
Bitmapbestanden
Bekende bestandsformaten
Alle Pagina's
JPG, TIFF of PSD? Waar staan die afkortingen voor en waarom Daarom acht formaten uitgelegd plus wat u nog moest weten maar nooit durfde te vragen over bestandsformaten.

Elk bestand in een computeromgeving kent zijn eigen specifieke bestandsformaat. Een document dat is gemaakt in Word kent de indeling .doc; een document dat met html (hyper text transfer protocol) is gemaakt, krijgt de extensie .html en spreadsheets die gemaakt zijn in Excel zijn te herkennen aan de extensie .xls.

Ook beeldbestanden, zoals foto's, krijgen een bestandsformaat. De gegevens van een foto die u opslaat, worden in een bepaalde, geselecteerde indeling (bestandsformaat) opgeslagen. Daarmee wordt de foto voor de computer een verzameling gegevens, die aangeeft hoe de gegevens in het bestand worden geordend en hoe ze bij het openen moeten worden weergegeven.

Voor beeldbewerking bestaan verschillende formaten. Vele daarvan zijn in meerdere programma's te bekijken. Dat zijn de platform- en programmaonafhankelijke formaten, de zogeheten interprogram data interchange-formaten, zoals TIFF. Daarnaast zijn er ook productspecifieke formaten. Zo kent Photoshop het formaat PSD en Paint Shop Pro het formaat PSP. Zelfs Apple en Microsoft hebben met PICT (Macintosh Picture) en BMP (Windows Bitmap) hun eigen bestandsformaten.

Verder beschikken veel bestandsformaten over compressiemethoden (een manier om gegevens samen te voegen om de bestandsgrootte te verkleinen), waarmee ruimte op de opslagschijf van de computer kan worden bespaard. JPEG is hier een voorbeeld van. Compressie gaat veelal ten koste van de afbeeldingskwaliteit, al kan het menselijk oog de kwaliteitsverschillen bij een lage compressie nauwelijks waarnemen.

 

 

 


Vectorbestanden


In de wiskunde is een vector een rechte lijn die richting aangeeft. In de computerwereld vallen ook polygonen (veelhoeken) en kromme lijnen onder het begrip vector. Vectorbestanden (ook wel objectgeoriënteerde of tekenafbeeldingen genoemd) zijn in het bijzonder geschikt voor de opslag van lijngebaseerde elementen (getekende illustraties en 3D-modellen) die met begin- en eindpunten (en mathematische beschrijvingen) zijn gedefinieerd. Een beeldbewerkingsprogramma leest deze informatie en tekent op basis daarvan de lijnen opnieuw.

Bewerkingen op grafische elementen in een vectorbestand (op objecten of voorwerpen) beïnvloeden andere beeldelementen niet. Elk voorwerp staat op zichzelf en behoudt zijn eigen eigenschappen, zoals kleur, vorm, omtrek, grootte en positie.

Bij het vergroten en verkleinen van vectorbestanden treedt er, anders dan bij bitmapbestanden, geen vervorming op. Verder zijn vectorbestanden resolutieonafhankelijk. Dat betekent dat een vectortekening met de maximale resolutie van een printer wordt afgedrukt. De kwaliteit van de afdruk is dan ook beter op een printer met een hoge dpi-waarde (dots per inch).

Resolutie heeft betrekking op de hoeveelheid informatie en details van een afbeeldingsbestand.

Strikt genomen kan een vectorbestand alleen vectorgegevens bevatten. In de praktijk kan een groot aantal indelingen die eigenlijk vectorindelingen zijn, toch bitmapgegevens opnemen.




Bitmapbestanden


Bitmapbestanden zijn geschikt voor de opslag van foto's en afbeeldingen. De gegevens waaruit deze bestanden zijn opgebouwd (bitmapgegevens), bestaan uit een set numerieke waarden die de kleuren van de individuele pixels (beeldpunten) specificeren. Een pixel is het kleinste afzonderlijke element dat een kleur kan hebben. Hoe meer gegevens voor elke pixel worden vastgelegd, des te meer tinten en kleurtonen het bestand kan bevatten. Een bitmap is dus eenvoudig gezegd een verzameling pixels. Inzoomen op een bitmapafbeelding laat duidelijk de afzonderlijke pixels zien, die afzonderlijk kunnen worden bewerkt (zie de afbeeldingen 1.4 en 1.5).

Bitmapgegevens wordt ook vaak rastergegevens genoemd en bitmapbestanden rasterbestanden. De term raster verwijst naar het rijenpatroon op het beeldscherm bij het weergeven van een afbeelding.
Veelgebruikte bitmapbestanden, (rasterbestanden) zijn bijvoorbeeld JPG en PSD. Een nadeel van bitmapbestanden is de grootte, veroorzaakt door de complexiteit van de opgeslagen gegevens. Zeker bij het versturen van bestanden via netwerken is dat merkbaar. Ze 'vreten' veel bandbreedte, hebben veel verzendtijd nodig en kunnen het netwerkverkeer nogal belasten.

Bij een vergroting van een bitmapbestand worden ook de individuele pixels vergroot; hierdoor kunnen vormen er gekarteld uit gaan zien. Vervorming treedt ook op wanneer de afmeting wordt verkleind, want daarmee verdwijnen pixels.

In een uitgezoomde weergave zijn de pixels nagoenoeg onzichtbaar, bij het ingezoomd uitsnede onder wel.

Resolutie
De afdrukkwaliteit bij bitmapbestanden is afhankelijk van de gekozen resolutie in het (bewerkings-)proces. Resolutie heeft onder meer betrekking op de hoeveelheid informatie en detail van een afbeeldingsbestand. De resolutie bij bitmaps beïnvloedt zowel de kwaliteit van de afdruk als de omvang van het bestand.

De afbeeldingsresolutie wordt in het bestand meegenomen. De kwaliteit van een printer is ondergeschikt aan de afbeeldingsresolutie van het bestand zelf. Een afbeelding met een lage resolutie afdrukken op een printer met een hoge printerresolutie (dpi-waarde) verbetert de kwaliteit van de afbeelding niet. Het bestand wordt immers afgedrukt met de eigenlijke resolutie van het bestand. Alleen wanneer de printer een lagere resolutie heeft dan het bestand, krijgt de afbeelding een lagere printresolutie. Als u een eigen fotoprinter hebt, is het verstandig de afbeeldingsdresolutie hierop aan te passen.

Metafiles
Naast vector- en bitmapbestanden zijn er nog metabestanden. Deze kunnen zowel bitmap- als vectorgegevens bevatten. Metabestanden worden frequent gebruikt om vector- en bitmapgegevens te transporteren tussen hardwareplatforms, of om afbeeldingsgegevens over te hevelen tussen softwareplatforms. Voorbeelden die Photoshop Elements 2.0 ondersteunt, zijn onder meer: CGM (Computer Graphics-metabestand (.*CGM) en Macintosh PICT (.*pic).

Verschillende bestandsformaten
De meest gebruikte bestandsformaten die u zult tegenkomen, zijn PSD, GIF, JPEG, TIFF, PNG en BMP. Het doel van de afbeelding is bepalend voor het bestandsformaat. Voor gebruik op een website kunt u het beste het JPEG-, GIF- of PNG-formaat kiezen. Voor het doorsturen van ongecomprimeerde afbeeldingen is TIFF het beste en voor bewerkingen in Photoshop Elments 3.0 kunt u het beste PSD kiezen. Uiteraard kunt u (eventuele kopieën van) de foto alsnog converteren naar een ander bestandsformaat.




De bekende formaten op een rij






Photoshop (*.psd, *.pdd)

De naam van dit bitmapbestand verraadt al dat het ontworpen is voor het Photoshop-programma van Adobe en werkt daarin ook het meest optimaal. Informatie zoals beeldlagen, maskerkanalen en correcties voor het werken in Photoshop gaan bij het exporteren naar een ander bestandsformaat veelal verloren. Doordat Photoshop enorm veel gebruikers (professionals) kent, is het formaat populair.

PSD ondersteunt meer dan zestien miljoen kleuren. Afbeeldingen kunnen erg groot zijn en daarom is veel geheugenruimte nodig. PSD maakt alleen gebruik van de RLE-compressiemethode. Omdat PSD applicatieafhankelijk is, is het bij andere applicaties minder bruikbaar. Mogelijk dat dit in de toekomst verandert. Uiteraard werkt PSD prima in Photoshop Elements.

Compuserve Graphics Interchange Format (*.gif)

Graphic Interchange Format is een platformonafhankelijk bitmapbestand. Platformonafhankelijk houdt in dat het niet aan een bepaald systeem of softwareprogramma is gekoppeld.

GIF-bestanden zijn 8 bits (dus maximaal 256 kleuren) en daardoor uitstekend geschikt voor plaatjes die uit weinig kleuren bestaan, zoals zwartwitfoto's, lijntekeningen en simpele cartoons. Vanwege deze beperking is het formaat minder geschikt voor de opslag van fotorealistische kleurenbeelden. Het aantal kleuren wordt immers teruggebracht naar 256.

Anderszijds is dit ook de kracht van GIF. Hoe minder kleuren in een bestand, hoe compacter en sneller het bestand - bij gelijke grootte - kan worden weggeschreven. GIF werkt met ingebouwde LZW-compressie. Dat betekent dat de informatie wordt ingepakt, zodat er minder opslagruimte nodig is. Dit maakt het GIF-formaat bij uitstek geschikt voor weergave van afbeeldingen op internet. De kleine gecomprimeerde bestanden worden snel gedownload en alle webbrowsers ondersteunen dit formaat.

JPEG/JFIF-compatibel (*.jpg, *.jif, *.JPEG)

De Joint Photographics Experts Group (JPEG) ontwierp de JPEG-compressiestandaard en het gelijknamige bestandsformaat (JPEG, jpg of jif ). Het wordt hoofdzakelijk gebruikt voor grafische afbeeldingen. De toegepaste JPEG-compressie levert een goede compressie voor beelden met een hoge resolutie en ondersteunt meer dan zestien miljoen kleuren (24 bits).

Voor de opslag van full-color, grijstonen of realistische afbeeldingen is JPEG beter te gebruiken dan GIF. JPG ondersteunt geen lagen of alfakanalen. Het is wel efficiënt en wordt veel op internet toegepast. Net als het GIF-formaat ondersteunen alle browsers het JPEG-formaat. De meeste digitale camera's slaan uw foto's op in dit formaat, tenzij u de camera - indien mogelijk - anders instelt.

JPEG heeft moeite met puur zwarte pixels die grenzen aan puur witte pixels. Scherpe hoeken krijgen in JPEG de neiging er blurred (vervaagd) uit te zien. Scherpe lijnen komen vooral voor bij teksten en bij grenzen tussen kleurvlakken.

Tagged Image File Format (*.tif, *.tiff)

TIFF is uitgegroeid tot een standaard voor het scannen, opslaan en uitwisselen van kleuren- en grijswaardeafbeeldingen. TIFF is platformonafhankelijk, veelzijdig, flexibel en krachtig. De kracht van TIFF is dat het diverse compressietechnieken gebruikt: LZW, RLE, CCIT Group3 en 4, en JPEG. Verder kan TIFF meervoudige bitmapafbeeldingen aan, maar het ondersteunt geen lagen. Tiff is zeer geschikt voor het opslaan van beeldmateriaal. De ongecomprimeerde bestandsgrootte van TIFF is wel velen malen groter dan van dezelfde bestanden in GIF- of JPEG-formaat. Als u foto's maakt in tiff-formaat zult u merken dat u geheugenkaart wel heel erg snel vol is.

Portable Network Graphics (*.png)

Portable Network Graphics Format (PNG; spreek uit: PING) is een redelijk nieuwe indeling dat de functionaliteiten van GIF en andere formaten als TIFF en JPEG verenigt in één formaat. Het doel waarvoor PNG is gecreëerd, is een alternatief te bieden voor GIF-afbeeldingen op netwerken. Door sommigen wordt PNG dan ook vertaald als PNG Not Gif. De hoop dat PNG, GIF en JPEG zou vervangen, is vooralsnog niet werkelijkheid geworden.

PNG kan een kleurdiepte opslaan tot 48 bits en dat is groot. Het kent een snellere progressieve weergave van beeldinformatie dan GIF, levert een compressie zonder kwaliteitsverlies en is platformonafhankelijk, maar kan niet zoals GIF overweg met meervoudige afbeeldingen en animaties. Lagen ondersteunt PNG evenmin. Doordat het een relatief nieuw bestandsformaat is, kunnen oude browserversies deze indeling niet lezen.

Windows- of OS2-bitmap (*.bmp)

Dit is de standaardbestandsindeling van Microsoft Windows voor afbeeldingen, die ook door niet-Windows en niet pc-applicaties wordt ondersteund. BMP ondersteunt paletafbeeldingen, 24-bits RGB-kleurenafbeeldingen en grijswaardeafbeeldingen, maar geen alfakanalen, lagen of vectorgegevens. Het maakt gebruik van een simpele RLE-compressie. BMP wordt veel gebruikt voor achtergrondafbeeldingen in Windows.

Kodak Photo CD (*. Pcd)

PCD is een bestandsindeling van Kodak die wordt gebruikt voor digitale camera's en Photo-CD's. Veel fotolaboratoria gebruiken dit formaat om analoge foto's op een cd te zetten.

Diverse beeldbewerkingsprogramma's kunnen hiermee prima overweg. Net als JPG kan het namelijk afbeeldingen aan met een hoge resolutie (24 bits). Met deze indeling kunt u meerdere resoluties van een afbeelding in een bestand opslaan. Transparanties of lagen worden niet ondersteund.

Ruwe bestandsindeling (*.raw)

Raw-bestanden bevatten uitsluitend beeldinformatie en bestaan uit ongecodeerde pixelgegevens. Ze kunnen 8-bitsdiepte geven aan grijstonen en 24-bitsdiepte aan kleurwaarden. Een RAW beschrijft de kleuren in elke pixel via een 8-bitssysteem, waarin 255 overeenkomt met wit en 0 met zwart. De flexibele indeling maakt het mogelijk afbeeldingen uit te wisselen tussen verschillende programma's, waarbij de CMYK- en RGB-kanalen worden herkend.

Als foto's maakt in het RAW-formaat (niet alle camera's kunnen dat), maakt u als het ware een negatief die u op de computer moet nabewerken of doorontwikkelen. In Photoshop Elements 3.0 kunt u daar een speciaal gereedschap voor gebruiken.