| Selecteren in Photoshop (Elements) - Opties voor gereedschappen |
|
|
|
| Workshops - Photoshop |
| dinsdag, 08 september 2009 14:37 |
|
Pagina 6 van 7
Opties voor gereedschappenElk selectiegereedschap kunt u zo instellen dat het precies doet wat u wilt. Een harde rand of een zachte rand, een dikke punt of een dunne punt of wel of niet gekartelde randen. Die isntellingen geeft u aan in de optiebalk.
Doezelaar
De Doezelaar bepaalt u de mate waarin de pixels die de selectie van elkaar scheidt en de omringende pixels in elkaar overlopen. Een hoge doezelwaarde betekent een groter verloop van pixels en dus zachtere randen. De pixeldetails verdwijnen dan echter. De doezelwaarde kan variëren van 0 tot 200. De doezelaar kan worden gebruikt bij alle selectiegereedschappen, behalve bij het selectiepenseel en de toverstaf. De opties voor het selectiegereedschap Rechthoekig selectiekader en Ovaal selectiekader.
Anti-aliasing
Anti-aliasing lijkt op doezelen, maar is net iets anders. De selectie krijgt met het activeren van deze optie gladdere randen, terwijl details behouden blijven. Dat komt doordat anti-aliasing kleurovergangen tussen randpixels en achtergrondpixels verzacht. Dit is vooral nuttig bij het combineren van afbeeldingen en bij teksten. Behalve bij het selectiepenseel en het rechthoekig selectiekader kan anti-aliasing bij alle selectiegereedschappen worden toegepast. Stel anti-aliasing in voordat u de selectie maakt, want dat is na het maken van de selectie niet meer mogelijk.
Breedte
U vult een waarde in om het bereik voor het zoeken naar randen te bepalen. Alleen randen binnen de opgegeven afstand van de aanwijzer worden nu geregistreerd. Tijdens het werken is het wellicht handig het bereik ook te zien. Daartoe houdt u tijdens het plaatsen van het beginpunt de toets Caps Lock ingedrukt. Het symbool van de lasso verandert nu in dat van een cirkel die het bereik aangeeft waarbinnen contrasten worden gezocht om aan vast te kleven (zie onderstaande afbeelding). Hoe lager de breedte is ingesteld, hoe nauwkeuriger u zelf moet selecteren. ![]() De grootte van de lasso waarbinnen deze randen zoekt
Randcontrast
De optie randcontrast bepaalt de gevoeligheid voor contrasten in de randen. Bij een hoge waarde worden alleen scherp contrasterende randen meegenomen. Bij een minder scherp contrasterende afbeelding is het handig een lage waarde in te stellen en zelf heel nauwkeurig de lijnen te volgen waarlangs de lasso moet worden gelegd. Frequentie
Bij Frequentie bepaalt u hoe vaak een ankerpunt wordt vastgelegd (tussen 0 en 100). Een ankerpunt verankert de selectie. Tussentijds kunt u via een muisklik zelf ook ankerpunten maken, bijvoorbeeld bij scherpe of moeilijk curven. Pendruk
De optie Pendruk werkt alleen als u met een tekentablet werkt. Deze maakt het zoekbereik smaller naarmate de pendruk toeneemt. |